Tafel van 10 leren: in vijf minuten klaar

De tafel van 10 is de makkelijkste van alle tafels, en tegelijk een van de belangrijkste. Wie de tienen begrijpt, heeft een fundament voor de tafels van 5, 9 en voor het rekenen met grotere getallen. Verderop lees je hoe je de tafel van 10 in één sessie leert, hoe je hem gebruikt als springplank voor moeilijkere tafels, en hoe je hem blijvend automatiseert.


De regel: zet een nul achteraan

Kind leert snelle rekenmethoden

De tafel van 10 heeft één regel die altijd werkt: zet een nul achter het getal. 10 × 4 = 40. 10 × 7 = 70. 10 × 9 = 90. Geen uitzondering, geen speciale gevallen, de regel geldt voor elk getal.

Dit is ook meteen het krachtigste aspect van de tienen: kinderen leren hiermee wat het betekent om met tientallen te rekenen. Dat begrip is de basis voor het optellen en aftrekken van tientallen, voor procenten (10% van iets is altijd "deel door 10") en voor het schatten bij grotere sommen.

Alle sommen van de tafel van 10

Hier staat de volledige tafel van 10. Er is bewust niets bijzonders aan toe te voegen, dat is precies het punt:

  • 10 × 1 = 10
  • 10 × 2 = 20
  • 10 × 3 = 30
  • 10 × 4 = 40
  • 10 × 5 = 50
  • 10 × 6 = 60
  • 10 × 7 = 70
  • 10 × 8 = 80
  • 10 × 9 = 90
  • 10 × 10 = 100

Een kind dat al kan tellen tot 100 in stappen van 10 kent deze tafel al grotendeels. De stap naar de formele sommen is dan klein.

De tafel van 10 als fundament voor andere tafels

De tienen zijn niet alleen nuttig op zichzelf, ze zijn een rekenhulpmiddel voor moeilijkere tafels.

Tafel van 5: de helft van 10

10 × 6 = 60, dus 5 × 6 = 30 (de helft). Elk product van de tafel van 5 is precies de helft van het bijbehorende product van de tafel van 10. Kinderen die de tienen kennen, kennen daarmee ook een directe weg naar de vijven.

Tafel van 9: tien min één

9 × 7: begin met 10 × 7 = 70, trek er 7 van af = 63. De tafel van 10 maakt de 10-min-1 methode voor de negens mogelijk, een van de krachtigste rekentrucs voor basisschoolkinderen.

Tafel van 11: tien plus één

11 × 6: begin met 10 × 6 = 60, tel er 6 bij op = 66. De tafel van 11 is letterlijk de tienen plus het getal zelf.

Praktische toepassingen: tien in het dagelijks leven

De tafel van 10 is overal om je heen, en dat maakt het makkelijk om hem buiten de lestafel te oefenen:

  • Geld: 10 eurocent × 4 = 40 cent. Bij de kassa rekenen kinderen onbewust met tienen.
  • Tijd: 10 minuten × 3 = een half uur. Klok lezen en de tafel van 10 gaan hand in hand.
  • Supermarkt: Als iets €10 kost en je koopt er 6, hoeveel betaal je dan? Lees ook over tafels oefenen in de supermarkt.

Wanneer beginnen met de tafel van 10?

De tafel van 10 is ideaal als eerste formele tafel, nog vóór de tafel van 2. Kinderen leren in groep 3 al tellen met tienen, dus de stap naar vermenigvuldigen met 10 is klein. Leer deze tafel vroeg, bij voorkeur aan het begin van groep 4; en gebruik hem daarna als anker voor alle andere tafels.

Veelgemaakte fout: vergeten dat de nul ook bij 10 × 10 hoort

De enige som die kinderen soms verkeerd hebben: 10 × 10. Ze schrijven 10 in plaats van 100. Leg uit dat de regel "zet een nul achter het getal" ook hier geldt: 10 gevolgd door een nul is 100. Dat is het enige dat extra aandacht verdient.

Automatiseren: van begrijpen naar direct weten

Begrijpen is stap één, automatiseren is stap twee. Zelfs de makkelijkste tafel moet ingeoefend worden totdat de sommen direct komen, zonder nadenken. Oefen dagelijks twee minuten, korter dan je denkt, en de automatisering volgt vanzelf. Gebruik flashcards of onze oefentool voor snelle, effectieve herhaling.

Oefen nu de tafel van 10

Op Mijn Tafeldiploma oefen je de tafel van 10 gratis, zonder account en zonder tijdsdruk. De oefentool past zich aan op de voortgang van je kind en mengt de sommen door elkaar. De makkelijkste tafel verdient ook de meeste zekerheid, oefen hem totdat hij écht automatisch zit.

Start nu met de tafel van 10 →